thema

Wetenschap en filosofie

Biedt de wetenschap mensen nog vertrouwen ook als zij onzekerheid brengt?
Bovenstaande vraag is het thema van het nieuwe filosofieprogramma van TOPdelft voor de eerste helft van 2019. Wetenschap is bijzonder belangrijk in en voor de huidige samenlevingen. Om deze bewering te staven hoeven we alleen maar te kijken naar wat we dagelijks gebruiken. De mobiele telefoon, computers, medicijnen, bruggen en wegen, vervoer in alle vormen en maten en ga zo maar door. De Duitse filosoof Sloterdijk spreekt van een algehele mobilisatie van de samenleving waarvan de effecten op het samenleven groot zijn: verbetering van kwaliteit van leven: gezondheid, veiligheid, etc.; versnelling van het leven: meer mobiel; meer contacten; meer kennis; etc.; verandering van waarden: langere levensduur; andere verantwoordelijkheden; vluchtiger contact etc. en verandering van realiteiten: van nepnieuws naar virtual reality.

Wat hebben deze vernieuwingen voor effecten op wat mensen verwachten van de wetenschap en van elkaar? Verwachten zij zekerheid of is het inherent aan wetenschap en haar vernieuwingen dat zij onzekerheid doet ontstaan? Gaat het dan niet eerder om het vertrouwen van de wetenschap en vertrouwen in en van elkaar?

In deze reeks Wetenschap en Filosofie onderzoeken we het ontstaan van vertrouwen en zekerheid in en van de wetenschap aan de hand van een tweetal vragen en aan de hand van filosofen: van Thales tot Foucault; Hegel; Popper, Rorty en Foucault. De vragen zijn:
1. Wat betekenen de resultaten en effecten van de wetenschap voor vragen naar:
a. waarheid, wat is dit en wat is het ware?
b. de waarde van waarden?
c. De normatieve kracht en mogelijkheden van weten(schap) om vertrouwen te geven?
2. Als mensen verlangen naar zekerheid en vertrouwen in de wetenschap en in de samenleving, waar gaan we onze zekerheden vanaf nu vinden?
a. In meer weten en dus in data, producten en diensten of
b. in ons zelf of
c. in de ander en in het samenleven als gemeenschap?

Programma
Het programma bestaat uit 6 lezingen en een afsluitende reflectieve bijeenkomst.

Lezing 1: Bas van Fraassen (1941 – ) door F. A. Muller op 9 april
Ons onderzoek hier begint bij een eeuwenoude vraag of er onafhankelijk van de menselijke waarneming en bewustzijn een werkelijkheid bestaat. Als we verschillend kunnen kijken naar wat waarneembaarheid is en hoe de wetenschap zich verhoudt met onwaarneembare entiteiten, wat is de betekenis van de wetenschap in het vinden van zekerheid en vertrouwen?

Lezing 2: Het ontwerp wetenschap van Thales 600 v.Chr tot Foucault (1926 – 1984) door Taeke de Jong op 16 april
We onderzoeken in deze lezing op welke wijze de wetenschap is ontworpen. Wat zijn haar vragen, mogelijkheden en tekortkomingen? Het verhaal van de Westerse wetenschap begint 2600 jaar geleden en de ontwikkeling gaat door tot vandaag. Wat kan de wetenschap doen om de waarheid te leren kennen of kan zij dat niet? Wat doet de wetenschap met ons vertrouwen in de wetenschap, maar ook in elkaar?

Lezing 3: Karl Popper (1902-1994) door Jan Brouwer op 23 april
Karl Popper wordt beschouwd als een van de grootste wetenschapsfilosofen van de 20e eeuw. Hij is het bekendst geworden door zijn weerlegging van het klassieke model van wetenschap als een proces van observatie en inductie, zijn pleidooi voor falsifieerbaarheid als criterium om wetenschap van non-wetenschap te scheiden en zijn verdediging van de ‘open samenleving’. Niet gering, maar waarom is zijn methode niet de algemeen geldende standaard geworden en vindt hij betrekkelijk weinig navolging?

Lezing 4: Georg Friedrich Hegel (1770 –1831) door Herman van Erp op 14 mei
Onderzoeksvraag: De dialectische methode van Hegel komt vandaag de dag vaak naar voren in slagkreten als ‘innovatie is een synthese van bestaande zaken’, maar ook in ‘1+1=3’. Is met de these en antithese tot synthese een startschot gegeven om de relatie tussen weten en waarheid ter discussie te stellen?

Lezing 5: Richard Rorty (1931-2007) en het Pragmatisme door Hans Tromp op 21 mei
Onderzoeksvraag: We onderzoeken in deze lezing wat de bijdragen van de wetenschap zijn aan de solidariteit tussen mensen en hoe de wetenschap daarin de verhouding vindt tussen enerzijds zekerheid bieden en anderzijds kennis verwerven om te handelen.

Lezing 6: Michel Foucault (1926-1984) en de normatieve professionele waarheid door Harry Kunneman op 28 mei
Onderzoeksvraag: In dit college onderzoeken we hoe de professionele werker, dus ook de wetenschapper het ware en misschien wel de waarheid in zijn of haar werk waar kan maken? Is het daarbij nodig professioneel normatief bezig te zijn en is dit de goede weg die leidt dit tot het goede: qua werk, producten en hoe mensen zich tot elkaar verhouden? Hoe ontlenen, vinden, maken we met deze professioneel normatieve wetenschap onze zekerheden?

Lezing 7: Reflectie op wetenschap, waarheid, vertrouwen en filosofie
Onder leiding van Rob Hundman en Jan Brouwer

Data en plaats lezingen
De lezingen vinden plaats op dinsdagavonden in april en mei in het Prinsenkwartier (Sint Agathaplein 4, Delft) en beginnen om 20:00 uur. De kosten zijn 30 euro voor de hele reeks en per keer 7,50 euro. Aanmelding via info@prinsenkwartier.nl en betaling op NL24 RABO 0300 0138 33 tnv Coöperatie Prinsenkwartier.